In dit stuk leest u wat de cijfers zeggen over de echte redenen van vertrek, waarom de afkoelende arbeidsmarkt behoud juist niet minder belangrijk maakt, en wat u kunt doen om mensen te behouden voordat ze al met een been buiten staan.
De markt koelt af, maar de behoudvraag blijft
U heeft het misschien gemerkt: de uitzinnige krapte van de afgelopen jaren neemt iets af. Toch is dat geen reden om achterover te leunen. Volgens de arbeidsmarktprognose van UWV groeit het aantal banen in Groot-Amsterdam tussen 2025 en 2028 met ongeveer 2,8 procent, goed voor zo'n 36.000 extra banen, waarmee de regio tot de sterkst groeiende van Nederland behoort. Zelfs in een somberder scenario met langdurig hoge energieprijzen blijft die groei positief.
Belangrijker nog: veel vacatures ontstaan niet door groei, maar doordat mensen met pensioen gaan of van baan wisselen. In Groot-Amsterdam is ongeveer acht procent van de werknemers tussen de 60 en 67 jaar, dus de vervangingsvraag blijft de komende jaren groot. De krapte is over haar hoogtepunt heen, maar werkgevers blijven moeite houden om geschikt personeel te vinden, en dat verandert voorlopig niet. Mensen behouden die u al heeft, is daarmee geen tijdelijke zorg, maar een blijvende.
Wat de cijfers zeggen over baanwisselen
Baanwisselen is normaal geworden. Volgens CBS-cijfers wisselden er in 2022 gemiddeld ruim 360.000 werknemers per kwartaal van baan, bijna vijf procent van alle werkenden. Bijna zestig procent van die baanwisselaars werkte korter dan twee jaar bij de vorige werkgever.
Dat laatste getal is veelzeggend. Vertrek gebeurt niet na tien jaar trouwe dienst. Het gebeurt vroeg, terwijl de inwerkinvestering net is gedaan en de medewerker nog niet op volle sterkte is. Voor een organisatie is dat een kostbare combinatie: hoge wervingskosten, verlies van net ingewerkt talent, en opnieuw beginnen in een markt waarin vervangen moeilijk blijft.
De werkelijke reden: stilstand, niet salaris
Een veelgemaakte fout is ervan uitgaan dat mensen vertrekken voor meer geld. Soms is dat de trigger, maar zelden de oorzaak. Onderzoek van UWV laat zien dat gebrek aan doorgroei- en ontwikkelingsmogelijkheden een van de belangrijkste redenen is waarom mensen hun baan opzeggen. Mensen verlaten niet zozeer hun werkgever, maar de situatie van stilstaan.
Dat is cruciaal om te begrijpen, want het betekent dat het probleem al lang voor het ontslag zichtbaar was. Iemand die geen perspectief ziet, zoekt dat elders voordat hij of zij het uitspreekt. Tegen de tijd dat u het hoort, bij het exitgesprek, heeft die persoon al maanden rondgekeken.
De eerste honderd dagen zijn bepalend. Wie in die periode geen perspectief ziet of zich niet gezien voelt, vertrekt snel. En u weet het pas als het te laat is.
Waarom de eerste honderd dagen zo zwaar wegen
Verloop concentreert zich in de beginfase. Een nieuwe medewerker bepaalt snel of dit de goede plek is, vaak binnen de eerste weken. De onboarding speelt daarin een grotere rol dan de meeste organisaties beseffen. Niet de administratieve onboarding, het regelen van een laptop en het doorlopen van een checklist, maar de menselijke: heeft iemand het gevoel welkom te zijn, gezien te worden en ergens naartoe te kunnen?
Organisaties die in de onboardingsfase aandacht besteden aan loopbaanperspectief, doen het structureel beter op behoud. Dat hoeft niet groot te zijn. Een gesprek over iemands ambities en de mogelijkheden binnen uw organisatie in de eerste maanden laat zien dat u ziet wie u heeft aangenomen, niet alleen wat iemand kan uitvoeren.
De aard van werk verandert, en dat raakt behoud
Er speelt nog iets. Werk verandert snel, onder meer door kunstmatige intelligentie en automatisering. Volgens UWV worden vaardigheden als digitale geletterdheid, kritisch denken, aanpassingsvermogen en sociale vaardigheden steeds belangrijker. Voor medewerkers betekent dat: wie niet blijft leren, voelt zich op termijn minder zeker over de eigen plek. Voor u betekent het dat ontwikkeling niet alleen prettig is, maar noodzakelijk om mensen inzetbaar en betrokken te houden.
Hier vallen behoud en ontwikkeling samen. De medewerker die ruimte krijgt om mee te bewegen met wat zijn werk vraagt, blijft waardevol voor zichzelf en voor u. De medewerker die het gevoel heeft stil te staan terwijl het vak verandert, kijkt rond. Investeren in ontwikkeling is daarmee tegelijk investeren in behoud.
Wat werkt: perspectief bieden vóór iemand ernaar vraagt
Driekwart van de werkgevers zet in op extra behoud van personeel als reactie op de krapte, blijkt uit UWV-onderzoek. Maar wat dat behoud inhoudt, verschilt sterk. Wie alleen inzet op arbeidsvoorwaarden, pakt de symptomen aan. Wie inzet op zichtbaarheid van talent en loopbaanperspectief, pakt de oorzaak aan.
Concreet betekent dat: weet u wat uw medewerkers willen, en weten zij dat u dat weet? Niet alleen de zichtbare toppers, maar ook de stille werkers die al jaren hetzelfde doen, er klaar mee zijn, en dat nooit hebben uitgesproken. Die wachten niet op een gesprek. Ze wachten af, en gaan op een dag weg.
Een praktisch instrument is een ronde loopbaangesprekken door een onafhankelijke coach, gericht op wat iemand energie geeft, wat er mist en waar iemand naartoe wil. Niet als jaarlijkse verplichte afvinkactie, maar als oprecht onderhoudsmoment. Wat u terugkrijgt is een terugkoppeling op hoofdlijnen: waar zitten de patronen in uw organisatie, welke talenten zijn onbenut en welke ambities zijn niet uitgesproken.
Bronnen: UWV Arbeidsmarktprognose 2026 tot 2028, regio Groot-Amsterdam; CBS, baanwisselaars 2022; UWV, arbeidsmarktonderzoek krapte en behoudmaatregelen; Loopbaanvisie, Govers & Rietdijk over ontwikkelgerichte onboarding (augustus 2024).